nl

Zoeken Menu

    © 2022 AOMB. Alle rechten voorbehouden.

    Terug naar overzicht

    Weer een race gewonnen!

    • Modellen

    Anne Laarman

    European and Benelux Trademark attorney | Managing Partner

    Op 22 april jl. wees de Hoge Raad een belangrijke uitspraak in de zaak Picnic/Max Verstappen.

    Eerder had Verstappen Picnic van auteursrechtinbreuk beschuldigd toen zij een reclamefilmpje op televisie lieten zien waarin een persoon die erg op Max Verstappen leek optrad. Verstappen vond dat hier sprake was van een schending van zijn portretrecht en eiste een financiële vergoeding. Immers, zijn bekendheid zorgt ervoor dat alles wat maar iets met hem te maken heeft, in het bijzonder zijn foto’s, verzilverbare waarde hebben en daar laat hij dan ook voor betalen. Alleen ging het hier niet om de echte persoon Max Verstappen maar een zgn. Look-alike. 

    Tot in hoger beroep werd de eis van Verstappen afgewezen. Portrecht - geregeld in de Nederlandse Auteurswet - gaat over een portret van een belanghebbende en dit was geen portret in de strikte zin, het was iemand die er heel erg op leek. Het was een portret van de dubbelganger. 

    De Hoge Raad is evenwel een andere mening toegedaan. Afgelopen vrijdag besliste zij dat onder omstandigheden het gebruik van een look-alike wel een gebruik van een portret kan opleveren in de zin van Art. 21 auteurswet en dus ook kan leiden tot een schadevergoeding. Of dat zo is is niet aan de Hoge Raad. Die gaat alleen over rechtsvragen en niet over feiten dus de snelle conclusie die de diverse media trokken dat Verstappen alsnog schadevergoeding krijgt, moet zo dadelijk nog het Hof worden beantwoordt. Immers, er moet wel sprake zijn van een redelijk belang. Als feitelijk vastgesteld kan worden dat het om een parodie ging en dat een ieder zal begrijpen dat het niet om Max Verstappen gaat zou Verstappen nog  in het stof kunnen bijten. 

    De race is voor Max dus nog niet gelopen. Wat wel belangrijk is, is dat wij nu weten dat een look-alike als een portret van de rechthebbende kan worden aangemerkt in de zin van Art. 21 auteurswet, ook indien het voor de aanschouwer duidelijk is dat het niet de rechthebbende zelf betreft maar dat het gaat om een look-alike. 

    Anne Laarman

    European and Benelux Trademark attorney | Managing Partner

    Blijf op de hoogte

    Schrijf u in voor onze nieuwsbrief

    Is het exit Brexit in merkenland?

    • Merken
    • Modellen

    Weer een race gewonnen!

    • Modellen

    Internationale modelregistratie vanaf nu ook mogelijk in China

    • Modellen